In de ban van de horizon #3

Meer informatie over stilte retraites: info@theroomoflistening.com

Geplaatst in Collectivisme, compassion, Stilte | Een reactie plaatsen

Fissa

Een eigen winkel? Het is haar gelukt, na jaren van dromen, hard werken en erin blijven geloven. Ze pakt mijn hand en leidt me rond.
‘Kijk hier maak ik mijn eigen gerechten.’ Bakjes in gelid opgesteld. De keuken hagelwit, opnieuw verbouwd. ‘Heb je al gegeten? Dit is vers, zegt ze stralend.’ De geuren van Afghaanse gerechten zoals sambuza, mantu maar ook kip met kerrie doen watertanden. Naast vers gemaakte maaltijden en broodjes is er saffraan ijs.

Dochterlief doet de boekhouding en spreekt nog wat dingen door met de accountant. Ze overlegt in de aparte ruimte waar ook de drank staat. Een ruimte in een ruimte die met een tussendeur en een sleutel kan worden afgesloten. Een schatkamer gevuld met grote en kleine flessen, in alle kleuren en maten. Met precisie opgestelde rijen flessen, fel uitgelicht. Alcoholica, afkomstig van het Arabisch woord al Kuhúl. Het woord stamt uit het jargon van de alchemisten. Het woord werd gebruikt voor een fijn poeder dat werd gebruikt om de wimpers mee te bestrijken. Vanaf de 16e eeuw werd de naam overgebracht op essences verkregen door destilleren van vloeistoffen, en ten slotte op wijngeest en andere alcoholische destillaten. Licht, sterk, sterker, sterkst. Het feest kan beginnen. Alles strikt volgens gereguleerde verkooptijden.

We lopen naar buiten. ‘Bij de gemeente heb ik een aanvraag gedaan voor bankjes voor de deur. Sowieso pas als de Corona weer onder controle is. Tieners komen hier in de avond een beetje kletsen. Gezellig, een beetje reuring. We kunnen het goed vinden. Soms tillen ze me zelfs even in de lucht en dan hebben we lol. Ik vraag hoe het met ze is, we hebben zelf ook kinderen. Maar ik zorg ook dat het niet uit de hand loopt. Als het te druk wordt dan ga ik naar buiten en spreek ze aan zodat het hier geen puinhoop wordt. De buren, maar ook wij willen dat het rustig verloopt hier. Maar die kinderen moeten toch ergens heen kunnen? Beter dan dat ze ergens anders gaan rel schoppen.’

Terwijl we binnen nog wat drinken en bijpraten toont ze me vol trots een kaartje dat op een ereplek bij de kassa hangt. Op de voorkant staat in gouden letters Fissa, feestje in straattaal. ‘Kijk dit kaartje kregen we met moederdag van de jongeren. “Voor onze papa en mama, we love u en gefeliciteerd met jullie winkeltje, we gaan snel fissa met jullie houden. XXX”

Geplaatst in Collectivisme, Communicatie, compassion, Midden-Oosten, Nederland | Tags: , , | Een reactie plaatsen

24u Groene Horizon

NB Naar aanleiding van 24u stilte en groene horizon Stiltegoed Delfgauw.
Op zoek naar stilte of retraites? Meer informatie: info@theroomoflistening.com

Geplaatst in Communicatie, Duurzaamheid, Nederland, Stilte | Tags: | Een reactie plaatsen

De magie van sociale ondernemingen

Dit artikel verscheen in The Optimist d.d. juli/augustus 2020

Foto: The Optimist v.l.n.r. Micha Mekes, Lisette Magis en Lebon Ratnasingam

Sociaal ondernemer en bouwmeester Lisette Magis (1969) richtte vijf jaar geleden Stichting Wij Zijn Rotterdam op. Hiermee bevordert ze arbeidsparticipatie via een ambachtelijke methode. Twee werkplaatsen staan onder haar leiding op eigen benen, de Bouwerswerkplaats en de Bakkerswerkplaats. Wat is het geheim van dit succes, en wat is de magie van Magis?

door Esseline van de Sande

Meer dan veertig bouwers en bakkers werken dankzij haar in betaalde banen. Vier bouwprojecten; twee woningen, een oud politiekantoor en een gymzaal werden met vakmanschap gerenoveerd. Het ambachtelijk gebakken brood, de taarten en koekjes met het karakteristieke logo van de Bakkerswerkplaats zijn een ‘merk’ geworden en vinden gretig aftrek in wijk en stad. Wat is het geheim achter dit succes?

In het kersverse aangekochte hoekpand in de Rotterdamse Zwijndrechtsestraat staan gezel Lebon Ratnasingam, leermeester Micha Mekes en Lisette Magis. De voormalige winkel, vol oude details, is het nieuwste bouwproject dat de Bouwerswerkplaats onder handen neemt. Het pand staat in een buurt waar veel mensen al meer dan dertig, veertig jaar wonen. De buren zijn opgelucht dat het huis is verkocht en nu wordt opgeknapt. De bouwtekeningen voor het toekomstige woonhuis zijn uitgewerkt. In een hoek staat een ton met cement. De kalk is van de muren, plafonds zijn vakkundig gestript. Ratnasingam, werkte veertien jaar als ‘vrijwilliger’ bij de gemeente maar kreeg hier al na vier maanden een contract. Met de boormachine in de hand volgt hij de blik van Micha die als geen ander weet hoe het is thuis te zitten en gedwongen komkommers te moeten plukken. In de werkplaatsen van Wij Zijn Rotterdam krijgt iedereen de kans zijn talent te ontwikkelen, een vak te leren en onderdeel uit te maken van een gemeenschap.

BOUWERS & BAKKERS
Het idee van Lisette Magis voor Wij zijn Rotterdam is simpel: motiveer mensen en geef ze hun geloof in eigen kunnen terug. Zelfstandig betaald werk bevordert de fysieke én psychische gezondheid. In de Gemeente Rotterdam zit meer dan zestig procent van het totaal aantal bijstandsgerechtigden in de langdurige bijstand. Wij Zijn Rotterdam wist de afgelopen jaren meer dan veertig mensen uit deze langdurige bijstand naar duurzaam betaald werk te laten doorgroeien. Magis: ‘Een van onze bakkers startte drie jaar geleden. Hij zat al acht jaar thuis op de bank vanwege zijn beperkt gezichtsvermogen. Hij kreeg vertrouwen en verwierf vaardigheden. Ons mooiste cadeau is dat hij hier voltijds werkt.’

Maar het is niet allemaal rozengeur en maneschijn. Vijf jaar is met man en macht gewerkt om alle kosten uit de omzet te betalen. Dat gaat helaas niet uit. Het spanningsveld zit in winstgevend zijn én ook het opleidingsgeld moeten betalen.
Als architect werkt Magis als intermediair tussen allerhande professionele partijen. Ze werkt ook als sociaal architect, geeft mensen vertrouwen en ruimte om een vak te leren, en bouwt zo aan de stad. Een verademing in de wereld van arbeidsparticipatie. En bovendien nog eens knap doelmatig. Mensen keren terug in de arbeidsmarkt en komen los uit de gezondheidsproblemen wat allemaal meevallers zijn op de begrotingen van gemeentelijke afdelingen.

INTRINSIEKE MOTIVATIE
De bouwkundig ingenieur vindt een belangrijke inspiratiebron in het gedachtegoed van Rudolf Steiner en nam diens idealen mee naar Wij zijn Rotterdam. Steiner startte begin vorige eeuw met verzorgingshuizen voor ouderen op antroposofische leest geschoeid. Zijn motto was: ‘Als je iets wil dan moet er bij de ander eerst een vraag zijn, als die vraag niet komt dan is er ook geen motivatie.” Magis erkent dit: “Als mensen in onze werkplaats starten moeten ze zelf vragen om een plek en niet worden gestuurd door een instantie. De eerste twee weken kijk ik altijd wat er vanuit de persoon zelf komt om te ontdekken hoe de intrinsieke motivatie is.’

Het ambachtelijke werken helpt mensen bij het terugvinden van die motivatie. In onze wereld vol systemen en portals, inlogcodes en ‘performance indicators’ raken velen de weg kwijt. Magis zet zich juist in voor mensen die om wat voor reden dan ook buiten de boot vallen: ‘Waar vind je leuk ambachtelijk werk als je geen vooropleiding of geschikt papiertje hebt of als je de taal niet goed beheerst of een fysieke of geestelijke beperking hebt?’ Een vak leren of hulp aanbieden alles kan. Maar het begint met geloof in eigen kunnen opbouwen, want dat heeft niemand meer na zes jaar thuis zitten.

Persoonlijke tegenslagen hebben ook Magis gevormd. Op de middelbare school krijgt ze van de ene op de andere dag epilepsie en belandt in het speciaal onderwijs. De epilepsie blijkt van tijdelijke aard. Vijf jaar na haar afstuderen wordt tot twee keer toe een tumor ontdekt en succesvolle operaties volgen. En iedere keer krabbelt ze weer op. Als je dat lukt houd je er positiviteit aan over.

MEER DAN IDEALISME
Magis leert door te doen. Ze fietst heen en weer tussen de werkplaatsen en verankert de opgedane inzichten in haar Stichting Wij Zijn Rotterdam. Zo vormt zich het gedachtegoed. Terug in de Bakkerswerkplaats komt de zoete geur uit de bakkersoven je tegemoet. Grote aluminium bakplaten vol koekjes staan af te koelen in de ruimte. Boven de gootsteen een schoolbord met verschillende soorten producten in krijt: croissant, pain de campagne, logo koekjes, kaneel knopen. Brood met liefde gebakken. Magis: ‘Brood is de koning van de tafel. Iedereen heeft brood nodig. Het is zo belangrijk en mooi om samen iets te maken. We werken met een hele diverse groep werknemers. Als er een klant komt dan vegen we even onze handen af en helpen we graag, daarna gaan we weer verder. Ga niet zitten wachten op klanten, leerde ik als tiener al.’

Wij Zijn Rotterdam is meer dan liefdevol idealisme. De werkplaatsen staan ook voor de herontdekking van het ‘maken’. Ambachtelijk werk als weg naar geluk gaat uit van een actieve benadering van samenwerking. Eigenaarschap en erkenning zijn sleutelwaarden. Ontdekken stond centraal in Magis eigen jeugd. “Als kind was ik altijd bezig om zelf dingen te maken.” De werkplaatsen van Wij Zijn Rotterdam kenmerken zich door een innige band tussen hart, handen en hoofd steeds op een ambachtelijke leest. De verhouding leerling, gezel, meester helpt iedereen op weg. Magis: “Meteen met je handen in het deeg of met een hamer in je handen, dan iemand nadoen, zelf doen en daarna het geleerde aan een ander leren. Dan zit het er echt wel in.”

Achterin voert een trap naar een mezzanine waar twee grote tafels staan. Een jongen vouwt de was. Medewerkers drinken koffie of zijn aan het werk achter de computer. Ook Magis voert een gesprek. Ze begrijpt niet dat de gemeente zulke grote bedragen investeert in systemen zonder eigenaar zoals Hallo Werk, die helpen een langdurig werkeloze niet: ‘Dit klopt fundamenteel niet, het initiatief ligt niet bij de werkzoekende.’

Magis denkt graag los van gebaande paden: ‘Bij banken kijken ze niet naar de mens maar naar formulieren en risico’s. Ik wist een stichting die iemand zocht met wie ze konden bouwen. Zo kochten we het pand. Het ingewikkelde blijft de garantie voor het opleidingsgeld vooraf. Nu we ons hebben bewezen bouw ik aan lange termijn samenwerkingen. Maar onze opleidingen moeten betaald worden, dat is al vijf jaar niet gebeurd vandaar dat we een doneeractie zijn gestart. Betaald doen waar we goed in zijn.’

In de werkplaatsen valt op dat mensen vrijwel altijd gemotiveerd aan het werk zijn. Magis: ‘Dit ontstaat wanneer iemand ruimte krijgt en zelf met initiatieven en vragen kan komen. Soms haken mensen toch af, die blijven kijken naar schaarste. Maar dat is een uitzondering.’ In plaats van mensen jarenlang te gijzelen in een kostbaar systeem van ‘vrijwilligheid’ voelen mensen hier vertrouwen en kunnen vanuit een veilige omgeving dingen leren en groeien. Materialen liggen open en bloot en zaken worden in openheid besproken. Kennisuitwisseling ongeacht niveau, cultuur of achtergrond. Dat geeft mensen een zetje in de goede richting.

INBESTEDEN EN OVERVLOED
Wat kunnen we nu van Wij zijn Rotterdam leren? De gemeente en diverse fondsen realiseren zich nu we meer moeten doen met minder, dat sociale ondernemingen een onmisbare bijdrage leveren aan zowel de economie als aan de gemeenschap. Wij Zijn Rotterdam maakt deel uit van een grotere landelijke trend van sociale ondernemingen die duurzaam successen boeken en mensen intrinsiek motiveren vaak tegen lagere kosten. Wat systematisch ontbreekt is een eerlijke prijs voor samenwerking en daarmee sociale duurzaamheid.

Magis gelooft in de kracht van lokale netwerken en wederkerigheid. Ze is bereid kennis en inzichten met anderen te delen die ook op zoek zijn naar antwoorden in wijken waar stadsgenoten soms generaties lang in de bijstand zitten. Magis: ‘Als je een halfje bruin bij de supermarkt koopt gaat een euro vaak maar een keer rond. De euro’s in onze werkplaatsen gaan meerdere keren rond, inbesteding. Het geld zit in de mensen, blijft in de wijk en de stad. Zo betaalt een investering zich soms wel driedubbel terug.’

Lisette Magis (1969) bouwkundig ingenieur, voorzitter stichting Wij Zijn Rotterdam, directeur de Bouwerswerkplaats en de Bakkerswerkplaats.

Auteur artikel Esseline van de Sande (1967) auteur van o.a. Verhalenhuis als vrijplaats (2018) werkt als organisatiepsycholoog op het terrein van culturele duurzaamheid & talentontwikkeling en is freelance publicist.

Geplaatst in ambacht, Collectivisme, Communicatie, Duurzaamheid, Nederland, Sustainability | Tags: , , | Een reactie plaatsen

Het wachten is op de Europese lente

Gepubliceerd via Joop.nl d.d. 3 juni 2020

In Europese steden wordt geprotesteerd uit verontwaardiging wegens de weerzinwekkende moord op George Floyd. Toch is het tamelijk gratuit als soortgelijke misstanden op ons eigen continent en onder onze eigen politieke verantwoordelijkheid voorkomen. Bestuurders lijken geen gevoel te hebben voor de onvrede die ook hier smeult over structureel politiegeweld. Dat blijkt uit de onverwacht hoge opkomst bij verschillende demonstraties in het land. Het debat richt zich op de nalatige handhaving van 1,5 meter én op de positie van de Amsterdamse burgemeester. Veel urgenter is dat de overheid niet op de radar heeft hoe dit sentiment ook hier leeft.

Samenlevingen worden verrast lijkt het. Nu de opstanden in Amerika en eerder in de Arabische wereld. Is een Europese lente denkbaar? Een opstand onder delen van de Europese bevolking, die plotsklaps tot stand komt na een onvoorzien incident.

De moord op George Floyd bleek het lont in het kruitvat van het ‘land of the free and home of the brave’. George Floyd, een man in nood, werkloos door de coronacrisis, werd op sadistische wijze vermoord door zes agenten. Het toont een bruut systeem van consequente vernedering en ongelijkheid. Een systeem dat al door Martin Luther King werd benoemd en veroordeeld: ‘Als we een onrechtvaardig systeem passief accepteren, worden we allemaal deelnemers van het kwaad.’

De Amerikaanse ambassadeur Pete Hoekstra zit bij Op 1. Het zijn juist de dingen die hij niet zegt die de kijker naar adem doen happen. ‘Dit had nooit mogen gebeuren, dit hoort niet thuis in een democratie.’ Maar de ambassadeur zegt niets van dit alles, keurt daarmee het gebeurde goed en moedigt zo geweld tussen de regels door aan. ‘Silence is violence’ scanderen demonstranten op het Malieveld. Stilte juist van ‘witte’ burgers steekt, immers wie zwijgt stemt toe.

Knielen op het Malieveld als vreedzaam verzet tegen politiegeweld 2 juni 2020

Wat doe je als burger als gezaghebbers normaal vinden wat niet normaal is? De Arabische Lente laat zien wat kan gebeuren. In Tunesië stak Mohammed Bouazizi zichzelf in brand. Als groentestalhouder jarenlang vernederd door de overheid en geslagen door de politie. De vernedering dreef hem tot zijn wanhoopsdaad. Het markeerde het begin van rellen die leidden tot de Arabische lente. Zoals de Amerikaanse journalist Thomas Friedman al zei, vernedering is een van de meest onderschatte politieke krachten.

In Nederland lijken we het altijd beter te weten voor andere landen. De beste stuurlui staan aan wal. Is het niet tijd om eens te kijken wat er onder onze politieke verantwoordelijkheid gebeurt? Ook in Europa voelt een grote groep burgers zich uitgesloten. Niet voor niets kreeg de Franse film Les Misérables van regisseur Ladj Ly veel aandacht in de pers en filmprijzen. Een noodkreet over de situatie van armoede, vernedering en ongelijkheid. We komen een film als Les Misérables in de veilige (thuis)bioscoop wel onder ogen, maar doen niets aan de structurele situatie die voor velen in de voorsteden van Europa bittere realiteit is.

Dit geldt ook aan de randen van Europa. Vluchtelingen in nood zijn de slachtoffers van onze besluiten. De Griekse politie ontvoert vluchtelingen. In Kroatië verft de politie rode kruizen op kaalgeschoren hoofden van vluchtelingen. Dossiers worden systematisch niet behandeld, kampen zijn onveilig en onleefbaar. De situatie is uitzichtloos. Ook de Nederlandse regering houdt zich niet aan de getekende verdragen en weigert vandaag opnieuw haar aandeel: 500 kinderen.
Dit vreet aan onze medemenselijkheid en aan de Europese solidariteit.

Zullen we eens nadenken wat onze eigen samenleving mogelijk te wachten staat? In ons eigen land voelt een steeds grotere groep burgers zich uitgesloten en ongelijk behandeld. Het is niet ondenkbaar dat ook hier ‘zomaar’, vanuit gebrek aan representatie én structurele vernedering een grote beweging kan ontstaan.
Denk aan het etnisch profileren bij de Belastingdienst, de honderdste afgewezen sollicitatiebrief van Fatima, de ontkenning van Zwarte Piet als racisme, of de administratieve lockdown waarin asielzoekers en statushouders jarenlang ronddwalen. De consequente overkill aan ‘witte’ experts tijdens de coronacrisis laat weer eens zien hoe het systeem van uitsluiting nog steeds werkt.

Het Amerikaanse congreslid Alexandria Ocasio-Cortez merkt op: ‘Als je het alleen hebt over een voorval zonder het te hebben over de condities die het veroorzaken, dan ben je hypocriet.’
Het is van groot belang om onze systemen én handelen telkens kritisch te bekijken. Laten we samen de spiraal van ongelijkheid, vernedering en racisme doorbreken. Ook hier kan zomaar de Europese lente aanbreken, uit het ‘niets’.

Geplaatst in Collectivisme, compassion, Discriminatie, Midden-Oosten, Nederland, Stereotypes | Tags: , , | Een reactie plaatsen

Zijn is meer dan doen

Verkorte versie gepubliceerd in Sociale Vraagstukken d.d.27 april 2020

Wij zijn zonder kompas de nieuwe eeuw ingegaan. Al in de eerste maanden hebben zich verontrustende gebeurtenissen voorgedaan die doen vermoeden dat de wereld ernstig ontregeld is, op verschillende vlakken tegelijkertijd: er is sprake van een individuele ontregeling, een financiële ontregeling, een klimatologische ontregeling, een geopolitieke ontregeling en een ethische ontregeling.”
Zo begint de Frans-Libanese schrijver Amin Maalouf zijn boek ‘De ontregeling van de wereld’ dat verscheen in 2009. Lang voor de pandemie was er al het nodige aan de hand in de wereld en riepen bezorgde burgers, ondernemers en wetenschappers op om overstag te gaan en een duurzame koers te varen. Nu heeft de ontregeling een enorme impact, zowel in het onzichtbaar microscopisch klein als in het overweldigende globale groot en alles daar tussenin. In het omgaan met de pandemie manifesteren zich opnieuw grote verschillen tussen arm en rijk. Alles wat vanzelfsprekend leek is dat niet meer.

Interdependentie
We zijn wereldwijd tot stilstand gekomen. Er was nood en dood voor nodig om ons wakker te schudden, vooral in het westen. Het is dan ook vooral ons wereldbeeld dat aan gruzelementen is gegaan. In andere delen van de wereld zoals in Afrika, Zuid-Amerika of het Midden-Oosten waren ziekten, dood, oorlog en verderf altijd dichtbij. Bij ons was dit alles uit het collectieve bewustzijn verdwenen. Over een periode van dertig, veertig jaar is het beeld veranderd. Schiphol was voor een steeds grotere groep de poort naar het vakantiegeluk. Onze kleding kwam van ver, de mondkapjes helaas ook. En nu is het besef van de risico’s weer terug.

‘Wie niet luisteren wil moet maar voelen’ is een Nederlands gezegde. We zijn collectief gedwongen weer te luisteren. Of het nu is naar een regering die maatregelen afkondigt, of dat we handelen volgens nieuwe voorschriften in de voorste linies van de crisis, na moeten denken over de consequenties die deze nieuwe situatie brengt of dat we geconfronteerd worden met een nieuwe innerlijke dialoog. Corona raakt iedereen. Grote én kleine offers worden gebracht, overal. Banen staan op de tocht. Mensen moeten hartverscheurend afscheid nemen van geliefden op afstand, vaak zonder ritueel. Voor velen is eenzaamheid nu een voelbare bedreiging.
Een positieve kant kan wellicht zijn dat het bewustzijn van de samenhang der dingen groeit. Oftewel zoals Sylvia van der Bunt, expert op het gebied van dienend leiderschap eerder zei: ‘We zitten met elastiek aan elkaar vast.’ Juist nu we afstand moeten houden wordt de onderlinge samenhang duidelijker dan ooit.

Afstand schept liefde
De afstand die we noodgedwongen moeten nemen leidt er paradoxaal genoeg ook toe dat we zaken leren appreciëren die we voorheen voor lief namen. Ouders merken hoe intensief het is om hun kleine kinderen de hele dag te begeleiden en daarnaast te werken. Van de weeromstuit is er opeens respect voor de docenten die hun kinderen iedere dag weer proberen te onderwijzen. Docenten schakelden in één weekend (!) noodgedwongen over op digitaal lesgeven, worstelen onder druk met techniek in lege lokalen maar missen het directe contact met leerlingen, en kinderen met hen en met hun medeleerlingen. Bezoekjes en feestjes zijn afgeschaft. Familieleden, collega’s en vrienden worden gemist.

‘Huidhonger’ en ‘aanraakgemis’ zijn nieuwe woorden die iedereen begrijpt. Ouderen voelen zich geïsoleerd en merken hoezeer die vanzelfsprekende bezoekjes van belang zijn, ook hier groeit waardering. En de jarenlang onderbetaalde beroepen blijken nu opeens vitaal en onmisbaar. Mensen die altijd al in de schaduw van het leven zorgden dat alles op rolletjes liep, draaien nu overuren en worden eindelijk eens gezien, zij het dat ze nog steeds worden onderbetaald. Mensen klappen in de straat, en gemeenten hebben in allerijl posters geprint waarop door de hele stad het zorgpersoneel wordt bedankt: ‘Helden in het wit.’ Kranten drukken posters die bezorgers bedanken of ouderen een hart onder de riem willen steken. Creativiteit alom.

Solidariteit en egoïsme
Zou er ook iets moois uit deze ontregeling kunnen groeien? We willen het zo graag. Inderdaad ontstaan er in reactie op de nieuwe situatie allerlei initiatieven vanuit solidariteit. Mensen doen boodschappen voor elkaar. Theatermakers improviseren en treden op voor bewoners in flatgebouwen. Woorden als ‘steun’ en ‘we doen het samen’ bepalen nu even het beleid. Een discours dat decennia lang vooral werd geleid door hele andere termen; ‘winst’, ‘kosten’, ‘marktdenken’ en vooral ‘efficiency’. Het moet toch enig vertrouwen geven dat er in tijden waarin de nood aan de man is ruimte blijkt voor urgente zaken die voorheen onmogelijk leken. De kwetsbaarheid van de mondiale wereld maar ook van ons als mens en medemens is zichtbaar en voelbaar. Solidariteit is het antwoord. Delen is het nieuwe hebben.

Is dit het begin van een nieuwe beweging? Van mij naar wij? Van markteconomie naar betekeniseconomie? Met goede vergoedingen voor de mensen die het vaak onzichtbare maar toch vitale werk doen; de leraren, de verpleegsters, de schoonmakers? Er zijn helaas nog meer dan genoeg voorbeelden die haaks staan op solidariteit. Denk alleen maar aan de jarenlange beloofde herverdeling van de vluchtelingen in Lesbos onder de lidstaten of het gebrek aan Nederlandse solidariteit naar Italië; verkeerd begrepen eigenbelang. Niet voor niets sprak Maalouf al in 2009 van een ethische ontregeling. We hebben nieuwe waarden nodig om ons kompas op te herijken. En die waarden kunnen alleen worden geformuleerd door anderen. Bijna geen toeval dat het wereldwijd in de meeste gevallen vrouwen zijn die als dienende leiders solidaire besluiten nemen. Leiderschap op basis van het morele besef we doen het samen en zo bereiken we meer.

Handmade by Alex Peters

Zachtheid en tijd
Er zijn tekenen van een verandering. In de openbare ruimte valt op hoezeer mensen rekening houden, een zekere discipline ontwikkelen. Op straat, in winkels en in parken of aan zee. Mensen staan in de rij. Er is een zachte interactie die kan ontroeren. Mensen groeten met een knikje of glimlach. Ze zien elkaar meer dan ooit lijkt het soms. Nu de druk van de 24-uurs economie is weggevallen ontstaat er een luwte. Veel mensen ervaren meer tijd, weten soms niet precies meer welke dag het is. Kinderen spelen op straat, de jaren vijftig lijken te herleven met oude spelletjes; springtouwen, elastieken en een fantasiewereld in stoepkrijt. Mensen zitten in hun deuropening met een kop thee of nemen op afstand tijd voor een praatje met toevallige voorbijgangers.

Kraamvisites worden raamvisites. Er wordt geborreld op het balkon waar buren elkaar soms voor het eerst ontmoeten. Beeldbellen in de zorg gaat met vallen en op staan. Ook verandert het besef van plaats. Werken en privé lopen in elkaar over. Vrije dagen, vakantie en werkdagen spelen zich veelal af in dezelfde ruimte. De tijd die ons toevalt geeft ook ruimte voor zachtheid en reflectie. Hoewel dit zeker niet overal geldt. Een agente in het park laat zich ontvallen dat hoewel de georganiseerde misdaad praktisch is stil gevallen, daar waar mensen bovenop elkaar zitten juist ook de nodige problemen ontstaan. Bezoeken afleggen vanwege huiselijk geweld is voor haar aan de orde van de dag.

Zijn of doen?
In deze tijd van ontregeling zien we misschien ook de eerste tekenen van een nieuwe tijd. Maar alleen als we die nieuwe tekenen waarderen groeien ze misschien uit tot waarden van morgen. Het feit dat alles gedwongen stilstaat werpt een ieder ook terug op zichzelf. Natuurlijk is dit een tussenfase, een ‘liminale’ tussenruimte waarvan niemand weet hoe lang het gaat duren en wat het betekent. Maar wellicht pakken we het op, wellicht realiseren we ons dat we onszelf ook in de weg zaten met onze doenerigheid. Want ‘zijn’ is meer dan ‘doen’.

Opmerkelijk genoeg zijn het juist de nieuwe Syrische buren die ons aan het bestaan van een andere omgang herinneren: ‘We hebben voor het eerst het gevoel dat we echt contact met onze Nederlandse buren hebben.’ Niet toevallig, in ‘zijnsculturen’ zoals bijvoorbeeld in het Midden-Oosten of Afrika is er tijd in overvloed, je identiteit wordt bepaald door wie je bent. In de ‘doenculturen’ zoals in Nederland is tijd schaars en dus kostbaar. Dit zorgt ervoor dat processen veelal geleid worden door haast. Resultaten moeten snel geboekt en wat je doet bepaalt je identiteit. Die doenerigheid is nu als een kaartenhuis in elkaar gezakt. Existentiële vragen, zorgen en angsten drijven boven. Vragen als: Wat betekent deze situatie voor mij? Wie ben ik in deze situatie? Sommigen ervaren deze tussentijd als opluchting. Het kon immers zo niet verder, eindelijk kunnen we weer ademen en voelen. Anderen willen zo snel mogelijk terug naar het oude bekende of zijn angstig voor wat nog gaat komen.

Luisteren biedt een cruciaal anker
Dit is niet de tijd van de grote antwoorden. Dit is de tijd van de betekenisvolle onzekerheid. Een tussenfase, die we goed door moeten komen, zonder teveel angst en zonder neurosen. Dan biedt luisteren een cruciaal anker. Het luisteren naar innerlijke vragen, het luisteren en inspelen op vragen in ieders omgeving dichtbij of verder weg.
Dit geeft richting en vorm aan de dagen. Het wakker zijn als bron van helderheid om vragen te beantwoorden als: Wat is werkelijk belangrijk voor mij? Wie horen bij mij? Welke dingen heb ik laten liggen en verdienen aandacht? Zo kunnen we ons wellicht overgeven aan de onzekerheid als enige zekerheid die elke dag opnieuw brengt.

Esseline van de Sande is sociaal- en organisatiepsycholoog en werkt als onafhankelijk adviseur op het terrein van communicatie, interculturele diversiteit en talent-ontwikkeling. Ze publiceerde eerder Ontmoetingen met Syriërs e.a. (2016), Verhalenhuis als vrijplaats (2018).

Geplaatst in Communicatie, Cultuur, Midden-Oosten | Tags: , , , | 2 reacties

Dit is de tijd voor de sociale onderneming

Verkorte versie gepubliceerd in Het Financieel Dagblad d.d.11 april 2020 door Lisette Magis, voorzitter Wij Zijn Rotterdam & Esseline van de Sande, organisatiepsychoog.

De economische crisis maakt dat we afstevenen op een nieuwe tijd. We moeten meer bereiken met minder. Dit biedt ook kansen, bijvoorbeeld voor sociale ondernemingen, die in staat zijn met lagere kosten en betere resultaten mensen weer duurzaam aan het werk te krijgen.

Yoran de Bruin in de Bakkerswerkplaats Rotterdam
Yoran de Bruin in de Bakkerswerkplaats Rotterdam Foto: Christiaan Krouwels

Sociale ondernemingen helpen burgers die vaak langdurig buiten de boot vallen aan werk. Succesvolle voorbeelden vind je door het hele land, zoals Wij Zijn Rotterdam, het Maastrichtse Athos, of de Utrechtse Colour Kitchen Academy.

‘New Faces’, ook zo’n succesvoorbeeld startte in Leeuwarden en werkt nu landelijk. Via het VSBfonds ontving zij voor 2019 en 2020 een budget van €30.000. ‘Alleen al in 2019 werkten meer dan 1000 nieuwkomers mee aan festivals, van betaalde banen tot artiesten en vrijwilligerswerk’, aldus oprichter Hooman Nassimi. Met als resultaten dat nieuwkomers de taal leren, hun sociaal en professioneel netwerk ontwikkelen, hun ondernemerskwaliteiten ontwikkelen en bijvoorbeeld kans zien om een cateringbedrijf op te richten dat nieuwe werkgelegenheid creëert. De bemiddelingskosten bedragen omgerekend €30 per persoon.

Vakmanschap
Nog een voorbeeld. Bakker Yoran de Bruin zat acht jaar thuis op de bank vanwege zijn beperkte gezichtsvermogen. De Bakkerswerkplaats investeerde €32.000 in opleiding, €26.500 aan salaris en ontving €10.000 voor job-coaching van het UWV (Wajong). De netto besparing €17.000 (in drie jaar) is gunstig voor de overheid. Yoran werkt nu fulltime, betaalt belasting, ontwikkelt vakmanschap, trots en zelfvertrouwen.

In feite weerspiegelt zich in de sociale ondernemingen de kracht van wat vroeger het ‘ambacht’ heette. De Amerikaanse socioloog Richard Sennett wees er al eerder op hoe ambachten gemeenschap en vakmanschap met elkaar verbinden. ‘Vakmanschap staat voor een duurzame, basale menselijke drijfveer, het verlangen om werk goed uit te voeren omwille van het werk zelf, niet vanwege het instrumentele.’ Ambachtelijke werkwijzen bouwen aan de economie, het individuele en collectieve welzijn tegelijk. Met die mentaliteit kunnen we ook mensen veel beter naar werk bemiddelen.

Ook de Maastrichtse onderneming Athos maakt het waar. ‘Onze prijs per plek ligt minimaal 20% lager dan de reguliere tarieven, los van indirecte kosten die we besparen (o.a. minder bureaucratische handelingen). Ons model is kostendekkend en schaalbaar, we brengen mensen, activiteiten en middelen samen op basis van vragen die er liggen,’ aldus Anita Bastiaans.

Vergelijk bovenstaande voorbeelden eens met de reguliere maatschappelijke kosten voor een langdurig werkloze. In de gemeente Rotterdam is de groep die langdurig (langer dan vijf jaar) in de bijstand het grootst. Dit zijn maar liefst 60% (20.000) van het totaal aantal bijstandsgerechtigden. Een persoon in de bijstand kost de gemeenschap circa €17.000 per jaar, bestaande uit €14.000 voor de uitkering en €2.900 handelingskosten bij de gemeente. Deze kosten keren jaarlijks terug, de lange termijnkosten voor extra zorg-, participatie- en re-integratietrajecten komen hier nog bovenop.

Exorbitante bedragen
Maar de gemeenten laten arbeidsbemiddeling vaak over aan de markt. Commerciële bemiddelaars brengen exorbitante tarieven in rekening. Young Capital Next of Dosign bemiddelen gewilde hoogopgeleiden onder de nieuwkomers voor € 7.000 per maand. De werknemer ontvangt € 2.400. Na loonheffing is dit €35.200 op jaarbasis waarvan 8% opleidingsbudget. ‘Arbeidsbemiddeling’ is een kil product. De intermediair verdient, maar de bemiddelde voelt zich vooral gebruikt. Dit ondermijnt de sociale solidariteit.

‘Beleidsambtenaren houden intussen krampachtig vast aan inkoopprocedures. Het geld blijft steken in dure systemen zonder eigenaar.’

De reguliere weg is bovendien niet effectief. Bij de overheid verloopt arbeidsbemiddeling via ‘webportals’. Mensen met een beperking, of mensen uit andere culturen, lopen vaak al snel vast in zo’n digitale omgeving. Daarbij zijn gemeentelijke procedures veelal traag en kostbaar. Dossiers gaan van hand tot hand en keer op keer worden nieuwe consulenten ingehuurd. Bovendien hanteren gemeenten vaak een rigide idee van ‘startkwalificatie. Als iemand de taal niet goed spreekt worden lagere inschattingen van vaardigheden gemaakt. Zo belandt talent en dus kapitaal in ‘het granieten bestand’ en is iemand al gauw ‘onbemiddelbaar’.
Beleidsambtenaren houden intussen krampachtig vast aan inkoopprocedures. Het geld blijft steken in dure systemen zonder eigenaar. Zoals in Leeuwarden het systeem TIPS, dat €520.000 kostte, of ‘Hallo Werk’ in Rotterdam en Den Haag. Uitgangspunt is hier weer de individuele zelfredzaamheid, die niet aansluit bij de doelgroepen.

Ontsluiten van talent
De sociale ondernemingen zijn hiervoor niet alleen een goedkoper alternatief. Ze zijn ook effectiever en bereiken duurzamer resultaat. Bovendien ontsluiten ze talent dat verstopt zit in de bestanden van gemeenten, talent waar het MKB hard naar op zoek is. Het MKB levert een forse bijdrage aan de economie. In 2016 waren al deze midden- en kleinbedrijven samen goed voor 72% van de werkgelegenheid en leverden 62% van de toegevoegde waarde (bijdrage BBP) in het Nederlandse bedrijfsleven. Tegelijk heeft het MKB grote moeite nieuwe werknemers te vinden. Zo vliegt een bedrijf in de Randstad dertig man-vrouw personeel uit Portugal in omdat het lokale werkgeversservicepunt niet levert.

Menselijke maat & gezondheid
Willen we de samenleving beter laten draaien dan moet de menselijke maat weer terug. Sociale ondernemingen gaan uit van samen dingen maken als weg naar gedeeld geluk. Leer een ambacht. Van leerling, gezel naar meester. Dit gaat uit van een actieve benadering van samenwerking tussen hart, hoofd en handen. Zelfstandig betaald werk draagt zelfs significant bij aan geluk, leid tot fysieke én psychische gezondheid bevestigt recent onderzoek. Eigenaarschap en maatwerk zijn sleutelwaarden.
Juist deze ingrediënten zijn van groot belang in het tijdperk dat voor ons ligt, waarin alle focus ligt op economisch herstel. Juist nu moeten we werken aan een meer betrokken en gezonde samenleving. Het gevaar dreigt immers dat kwetsbare groepen buiten de boot gaan vallen, met alle kosten voor de maatschappij die hiervan op korte en lange termijn het gevolg zullen zijn.

Investeren
Dat maakt de sociale onderneming een eigentijds onderdeel van de nieuwe economie, ze leidt mensen niet alleen naar werk maar bouwt tegelijk een duurzame inclusieve gemeenschap. Volop reden om deze sector beter financieel te ondersteunen. Bezuinigingen kunnen beter worden gezocht bij de steriele diensten van de commerciële aanbieders en de afstandelijke gemeentelijke vernieuwingsinitiatieven.

Sociale ondernemingen staan voor maatwerk. Het is de weg vooruit. Een gezonde, inclusieve en aantrekkelijke samenleving bouwen we niet alleen, maar samen.

Lisette Magis is voorzitter stichting Wij Zijn Rotterdam
Esseline van de Sande is organisatiepsycholoog van adviespraktijk The Room of Listening

Geplaatst in ambacht, Collectivisme, Duurzaamheid, Economy, Sustainability | Tags: , , , | Een reactie plaatsen

Verhalenhuis als vrijplaats

Er is ruimte voor reflectie in deze tijd, een kans op herwaardering van ruimte en de noodzaak om verhalen te delen. Verhalen hebben een vrijplaats nodig. Ontmoetingen gaan over het delen van ruimte en intimiteit. Een verhaal delen lukt het beste in een ruimte die geborgenheid, respect en gelijkwaardigheid biedt. De vraag is alleen waar vind je die ruimte?

Al Rewaq Jubileum 25e editie Verhalenhuis Belvédère foto-credits: Joop Reijngoud
vrnl. Bader Atem, Adnan Aloada, Esseline van de Sande
op de achtergrond het Al Rewaq koekje gemaakt door Bakkerswerkplaats Wij Zijn Rotterdam

Op zondag 9 februari 2020 vond in het Verhalenhuis Belvédère de 25e editie van de Al Rewaq plaats. De plek die Adnan Alaoda, dichter en scenarioschrijver, bouwt om ruimte te geven aan de ontmoeting en het Syrische verhaal van diversiteit en beschaving heet Al Rewaq, letterlijk ‘steegje’ of ‘doorgang’. Een spreekwoordelijk huis dat Adnan telkens weer creëert of hij nu in Dubai of in Verhalenhuis Belvédère in Rotterdam is.

Oorspronkelijk is Al Rewaq een term uit de architectuur. Een ruimtelijke opzet waarbij je via een gang uitkomt op een besloten binnenplaats met een fontein die is verbonden met de open lucht. Maar binnen het gebouw is het een plek waar mensen elkaar ontmoeten en uitwisseling ontstaat. In de Al Rewaq is ruimte voor uiteenlopende kunstvormen, muziek, film, gedichten en verhalen. Een spontaan gesprek of discussie. Voorbereid, maar liefst ook onvoorbereid. Adnan is de creator, de vader van Al Rewaq.

De behoefte om verhalen te delen, dromen en hoop is universeel. Alleen is vrije nog niet ingevulde ruimte lastig te vinden in ons georganiseerde land. Nederland festival, theater en debatland dat wel, alleen programma’s worden al maanden te voren vastgelegd. Draaiboeken en structuur liggen klaar. Ook bezoekers zijn gewend aan duidelijkheid. Het programmaboekje wordt voor klanttevredenheid volgens verwachting afgewerkt.

Dit leidt er soms toe dat het levendige uit voorstellingen verdwijnt. De ruimte ontbreekt om te verrassen, vrij te ademen, in te spelen op het moment. Dit legt een druk op de artiesten op het podium maar ook op de organisatie. In veel gevallen moet het precies volgens het draaiboek verlopen. Theatrale orkestratie kan voorstellingen ook optillen naar een hoger niveau. Alleen hoe blijft het spel levend en verloopt het soepel tegelijk?

Verhalenhuis Belvédère in Rotterdam geeft ruimte aan ontmoeting met de ander, het andere, ruimte voor het delen van verhalen. Een zorgvuldig toegewijde opgebouwde plek en werkwijze. De vorm varieert. Verhalen en luistervoorstellingen, portretten, foto- en kunsttentoonstellingen, programma’s in de Volkskeuken waar verhalen een podium vinden en bezoekers kunnen delen in het immateriële erfgoed.

Het geven van aandacht aan levensverhalen biedt troost en inspiratie. Mensen voelen zich gezien en gehoord in een stad waar eenzaamheid op de loer ligt en mensen alleen nog in het openbaar vervoer uit hun bubbel komen sinds de introductie van de zelfscanner in supermarkten. Levensverhalen (‘reminscentie’) zijn van belang. Positieve gevolgen zijn: eigenwaarde, zelfvertrouwen, verbinding met de sociale culturele omgeving. Verhalenhuis Belvédère draagt actief bij aan een meer verbonden en gezonde stad.

Adnan Alaoda is Belvédères eerste gastschrijver die in 2017 een jaar lang een onderkomen vindt in het Rotterdamse Verhalenhuis. Deze vrije ruimte is hard nodig. Het bieden van een vrijplaats is een hoeksteen van de Arabische beschaving en is wijd verspreid onder alle Arabieren zowel in de stad als op het platteland. Veruit het grootste deel van de Syrische ontheemden wordt opgevangen door landgenoten. Een traditie om mensen te beschermen en hen de ruimte te geven om op adem te komen.

Deze duizenden jaren oude traditie en beschaving is in de 21e eeuw meer dan ooit nodig, maar staat tegelijkertijd zwaar onder druk. Een groot netwerk van vluchtsteden wereldwijd ICORN/Pen probeert hier actief aan bij te dragen door schrijvers, dichters, musici en kunstenaars uit de hele wereld, speciaal uit landen waar onderdrukking en, of oorlog is, ruimte te bieden een jaar lang in vrede en veiligheid te kunnen werken.

Als theaterman gelooft Adnan in de waarde van het opgaan in de ervaring. Tijdens het dansen van de Debke vergeet ik alles’, zegt Adnan. Tijdens de Al Rewaq wordt met familie en vrienden gebeld. Ze worden even deelgenoot van deze avonden op Katendrecht. Daar is hier, hier is daar. De Syriërs komen zich in het Verhalenhuis laven aan de eigenheid en het door Adnan bijeengebrachte erfgoed dat ze zo missen.

De Al Rewaq van 9 februari jl. begint met een indringend verhaal van Adnan. Hij vertelt dat twee Syrische jongens in Duitsland zelfmoord hebben gepleegd omdat ze zich zo eenzaam voelden. Syriërs in Europa hebben als reactie hierop een Facebook groep opgezet om met elkaar in contact te zijn. ‘Dit moeten we zien te voorkomen. Dit is onze jeugd die verloren raakt in een ander land. We willen elkaar helpen.’ Ook vertelt Adnan dat hij de avond ervoor een vriendin aan de lijn heeft uit Idlib waar meer dan een miljoen Syriërs op de vlucht zijn voor oorlogsgeweld. Haar boodschap is: ‘Ik weet niet of ik morgen nog leef maar het feit dat jullie daar de Al Rewaq organiseren geeft me hoop, dit is een plek om ons cultureel erfgoed te blijven delen, een plek van troost.’

De 25e jubileum editie is ondanks de storm een drukbezochte avond. Net als als eerdere edities wordt de avond life via de telefoontjes van de aanwezigen vanuit heel Europa en het Midden-Oosten gevolgd. Opnieuw is de avond een ode aan de improvisatie. Er is een programma en tegelijk is er ruimte voor iets onverwachts. Er wordt in tenminste twee talen gepresenteerd: Nederlands en Arabisch. Dichter en schrijver Ishmail Kamara leest zijn lofdicht Vliegende Veer voor en kondigt zijn nieuwe boek aan: A hundred golden horses journey to the promised land. Umm Al Rewaq Els Desmet wordt bedankt onder het motto van het Arabische spreekwoord: ‘Umaka thuma umaka thuma umaka thuma abuk‘, eerst je moeder, dan je moeder, dan je moeder en dan je vader. Els stond aan de wieg van de Al Rewaq. Fotograaf Joop Reijngoud toont de rijkdom van 25 edities Al Rewaq. Een fotopresentatie van ontmoetingen tussen bezoekers, kunstenaars, vertellers, dichters, musici, filmers en koks. Opvallend is een veelzijdig publiek van alle leeftijden. Adnan bekijkt het geëmotioneerd, zittend op de grond.

De geest gaat uit de fles op de dansvloer onder leiding van danser Jol Alholo, de musici springen in voor live muziek. Het is een ontlading van plezier en verdriet tegelijk. De rust keert maar met moeite terug. De vele emoties en de uitgelatenheid worden opgezweept door de muziek. Er komt een adempauze met dichters. Yousef Sarkhi, Matanja van der Werf vertaalt werk van Majdolin Refai en begeleidt Amani Aleid op de piano. Sarah Schützle zingt dromerige liedjes van haar cd Wonders of life.

Zodra de diepe stem van zanger en gitarist Omar Nouilati weer klinkt komt de menigte opnieuw in beweging. De andere drie vallen in, Jawad Darwish luitspeler en de beide percussionisten Mahran Al Kadi en Adnan Nouri. Het viertal heeft elkaar ontmoet in het azc waar ze sinds een jaar wonen. Ook voor de musici is het een avond om nooit te vergeten, een avond van weerzien met oude vrienden. Het publiek staat op stoelen, danst, joelt, klapt en zingt mee. Het bekende nummer Hal asmar al loondoet de harten sneller kloppen. Een andere zanger en een zangeres uit het publiek haken spontaan aan. Het leeft en zindert. Even wordt onderhandeld over nog meer ruimte voor de muziek. Maar de geur van beitinjaan bi lahm, met gehakt gevulde aubergines geeft de doorslag. Het eten is warm en mensen schuiven bij elkaar aan tafel voor een gezamenlijke maaltijd van meesterkok Maher Al Sabbagh en Amal Zi Alnoun. Na het eten gaat de muziek door. De vrijwilligers van Belvédère maken van het Verhalenhuis een thuis. Ruimte en ontmoeting. Het begint met wederzijdse nieuwsgierigheid.

Essay: Verhalenhuis als vrijplaats verkrijgbaar in Nederlands, Engels & Arabisch
Welkom bij Al Rewaq: 7 juni, 13 september, 1 november start 16 uur.
Verhalenhuis Belvédère, Rechthuislaan 1, Rotterdam.

Foto-credits: met speciale dank aan Joop Reijngoud

Geplaatst in cultureel erfgoed, Dialogue, erfgoed, Midden-Oosten, Nederland, Syria | Tags: , | Een reactie plaatsen

Een veilig thuis

Eerst ondenkbaar maar nu toch mogelijk? Tineke Bennema (historica) en Esseline van de Sande (psychologe) denken aan cruiseschepen die onderdak bieden aan vluchtelingen. Tineke Bennema en Esseline van de Sande. Dit artikel verscheen in Trouw Opinie op 31 maart 2020 jl. en in het Arabisch via Net in Nederland.

Er gebeuren nu dingen die niemand voor mogelijk had gehouden. Blijf thuis, houd 1,5 meter afstand, in ieders belang maar vooral in het belang van de zwakkeren. Alleen hoe ‘thuis’ ben je en houd je afstand als je moet schuilen, of noodgedwongen in vluchtelingenkamp Moria verblijft?

Niet zo lang geleden, al lijkt het een vorig leven, ging een filmpje de wereld over van een Syrische vader die zijn dochtertje wilde beschermen tegen angst voor bombardementen en haar bij elke inslag leerde lachen om wat hij vertelde dat vuurwerk was. Door de coronacrisis kunnen we de vader en zijn zorg pas goed doorgronden. Vluchtelingen leven in onmenselijke omstandigheden. Nu we zelf voelen wat het betekent om opgesloten te zitten is het wellicht makkelijker om ons in de ander te verplaatsen. De vluchtelingen zitten al jaren in een lockdown, opgesloten in een politiek doolhof. Is dat onze zorg?

Inwoners van vluchtelingenkamp Moria op Lesbos krijgen maskers om zich te beschermen tegen het coronavirus. Beeld AFP

Voor het eerst sinds de Tweede Wereldoorlog voelt ook de Nederlander weer wat rauwe angst voor zijn existentie is en de overlevingsmodus, die ermee gepaard gaat. Emoties waar zovelen in het Midden-Oosten, vluchtelingen, dagelijks mee te maken hebben.

Angst maakt kwetsbaar en vraagt om hulp

Zelfs tijdens eerdere crises die zich uitten in hamsteren, de Suezcrisis in 1952, de Cuba-crisis en de oliecrisis van 1973, heeft de Nederlander zich niet zo kwetsbaar gevoeld. Ineens is de maakbaarheid van het leven, de illusie die regeert in de laatste decennia waarin het liberalisme wortel schoot, gekenmerkt door welvaart, ontkerkelijking en groeiend individualisme, als een kaartenhuis in elkaar gezakt. Angst maakt, tenminste na erkenning, kwetsbaar en vraagt om hulp en bescherming. Waarden als zorg en solidariteit blijken nu urgent in landen in nood.

Op de Griekse eilanden zitten 42.000 vrouwen, mannen en kinderen gevangen en op elkaar gepakt. De corona-uitbraak vormt zowel voor hen als voor de Europeanen een groot gevaar. Eerder deze maand riepen Stichting Vluchteling, VluchtelingenWerk Nederland en Defence for Children op om tenminste vijfhonderd kinderen op te nemen. Gemeenten als Leiden, Amsterdam, Groningen en Middelburg gaven aan een bijdrage te willen leveren aan het lenigen van het leed van Lesbos.

De regering beloofde Griekenland een deel van de vluchtelingen op te nemen. Belofte maakt schuld. De bittere realiteit is dat de mensen al jaren vastzitten in deplorabele omstandigheden en onze regering geen thuis geeft. Dat we deze afspraak nakomen is van groot belang voor de Europese stabiliteit, het fundament van solidariteit. Niet alleen in Nederlands verband geldt: we doen het samen.

Epidemieën gedijen door gestapelde problemen

Humanitaire rampen komen voort uit gestapelde problemen zoals oorlog, economische en klimaatproblematiek waardoor mensen op de vlucht slaan en terecht komen in slechte leefomstandigheden. Epidemieën gedijen daar goed. Beatrice de Graaf onderzocht grote uitbraken van ziekten in de negentiende eeuw en verklaart die mede door dat stapeleffect. Pak je oude problemen niet aan, dan verergeren de actuele.

De Nederlandse regering weet in tijden van crisis binnenslands leiderschap te tonen. Nu we allen er weer van doordrongen zijn wat angst om het vege lijf inhoudt, en wat solidariteit betekent, kan ons land het momentum gebruiken om ook in Europees verband een impuls te geven aan samenwerking.

Rond de coronacrisis zien we oplossingen die voorheen ondenkbaar waren Geld voor kwetsbare zzp’ers. Sporthallen, moskeeën en hotels transformeren tot ziekenhuizen. Laten we nu ook zo naar Lesbos kijken. Laten we stilliggende cruiseschepen inzetten voor de Griekse kust zodat we mensen de verzorging geven die ze nodig hebben om overslag van de epidemie te voorkomen. Een rekensom is gauw gemaakt. 27 lidstaten en 42.000 mensen. Dat betekent: zo’n 1500 mensen per lidstaat. Solidariteit is het medicijn.

#solidariteit #Europa #vluchtelingen #Lesbos

Geplaatst in Collectivisme, compassion, Refugees | Tags: , | Een reactie plaatsen

Luisteren als sleutel tot verandering

In onze gehaaste maatschappij is luisteren een schaars goed. Daadwerkelijk met onverdeelde aandacht een persoonlijk verhaal of complex vraagstuk tot je door laten dringen. Boeren, burgers en buitenlui lopen te hoop omdat ze zich niet ‘gezien en gehoord’ voelen. ‘Web-interfaces’ en ‘digitale portals’ nemen de rol over van loketambtenaren. Burgers worden in classificaties gedwongen maar kunnen hun verhaal niet kwijt. Ondertussen groeit het gevoel van onbehagen. Als toppunt van ironie wordt dit ‘onbehagen’ door beleidsmakers dan weer ontdekt. In allerijl worden plannen bedacht om hier iets aan te doen.

Luisteren vraagt om tijd en aandacht. ‘De wereld gaat aan vlijt ten onder,’ schreef Max Dendermonde al bijna meer dan zestig jaar geleden. De hoofdpersoon in het boek strijdt tegen maakbaarheid en het vooruitgangsgeloof. Een schets van een wereld zonder haast, waar ‘zijn’ belangrijker is dan ‘willen hebben’. Biedt dit gegeven wellicht aanknopingspunten voor het overspannen leef- en samenwerkingsklimaat?

Een wereld zonder haast ervaar je niet vanzelf, je moet bereid zijn even uit je eigen wereld te stappen. Deelname aan een 24 uur horizon-observatie aan het Haagse Zuiderstrand stelde me vorig jaar in staat deze wereld te ervaren. 24 uur lang belangeloos kijkend naar de horizon en buiten zijn in de natuur, in weer en wind. De ware ervaring volgde pas daarna. Het gaf ruimte om onze eigen wereld met nieuwe ogen te bezien, te ontdekken dat een andere wereld toegankelijk is en hielp de erbij behorende houding op een diep niveau te verankeren. Een staat van zijn die ruimte biedt aan wat van binnen naar buiten beweegt. Een los komen van de waan van de dag. Een staat van verwondering over de schoonheid van alle dag, de natuur, het inspirerende onderscheidt van het grote en het onverwachte.

Foto credit: Dick van Duijn

Dit beeld van de eekhoorn die een paardebloem koestert is een uniek beeld van natuurfotograaf Dick van Duijn. Het toont de schat die zich openbaart wanneer je de tijd neemt om te luisteren en observeren. Luisteren is het voertuig van een nieuwe beleving. Opnieuw leren luisteren geeft een opening die diepere drijfveren ontdekt en verbinding creëert. Alleen, hoe luister je werkelijk? Naar jezelf, naar je collega’s, naar de natuur en de vraagstukken van de grotere wereld om ons heen? Hoe kunnen we vraagstukken duiden wanneer we het contact met de wereld zonder haast zijn verloren? Hoe kunnen we meer sensitiviteit ontwikkelen voor gedragsrepertoires en opvattingen die afwijken van onze eigen culturele standaarden en verborgen talent ontsluiten?

De Kamer van het Luisteren biedt denkruimte en handelingsperspectief voor vraagstukken rond duurzaam leiderschap, interculturele dynamiek en talent ontsluiting. ‘Luisteren is de sleutel tot verandering’ is het motto van The Room of Listening. Jarenlange ervaring in interculturele communicatie, organisatie-advies en counseling leert dat wederkerig luisteren inzicht geeft én duurzame verandering tot stand brengt. 

Geplaatst in Communicatie, Dialogue, Distortion, Ruis, Stereotypes, Sustainability | Tags: , | Een reactie plaatsen